Het is moeilijk om te praten over huiselijk geweld, kindermishandeling, ouderenmishandeling of mensenhandel. Er kunnen gevoelens van schaamte en angst spelen bij slachtoffers, plegers en andere leden van het gezin. Ook professionals vinden het soms ingewikkeld om hierover in gesprek te gaan.
Vaak gaan cliënten, patiënten of leerlingen pas met jou in gesprek over problemen en eventueel geweld of verwaarlozing als je er rechtstreeks naar vraagt. Als het lukt om in gesprek te komen, stel dan vragen om het probleem helder te krijgen:
Als je een vertrouwelijk gesprek hebt met iemand, informeer hem of haar dan dat:
Benoem in het gesprek feitelijk wat je waarneemt, en bespreek dat. Geef geen eigen invulling aan zichtbaar gedrag. Zo voorkom je een welles-nietessituatie. Zeg dus niet: ‘In huis is het een troep’, maar bijvoorbeeld: ‘Ik zie dat er heel veel vaat op het aanrecht staat.’
Wees altijd transparant in je contact met je cliënt, patiënt of leerling. Leg uit wat je gaat doen en waarom, en koppel dit direct aan je zorgen.
Een paar voorbeelden: